Mijn aanpak: wat heb ik bij chronische tinnitus concreet gedaan?
Laatst bijgewerkt: juni 2026
Wat je hier leest, is mijn persoonlijke weg zoals ik hem heb ervaren. Heb je medische vragen of twijfels over je gezondheid, ga dan naar een arts die je vertrouwt. Wie de hier beschreven aanpak in praktijk brengt, doet dat op eigen verantwoordelijkheid.
Oké, wat heb ik toen bij mijn chronische tinnitus concreet gedaan?
„Gewoon afwachten en die toon negeren" werkte bij mij niet. Toen kwam ik tot het besluit: ik moest nóg meer doen. Waarom dat zo ging, kun je nalezen in mijn korte versie.
Voor mijn aanpak betekende dat dat ik drie dingen absoluut gelijktijdig moest doen:
- De mechanische werklast verlagen – uitschieters in geluid en langdurig lawaai zoveel mogelijk vermijden, zodat de toch al zwaar belaste ionenpompen niet nog extra overbelast worden.
- De energieproductie in de cel (ATP) flink omhoog jagen – want zonder een overschot aan energie kan de eigenlijke reparatie (nieuwe crosslinkers plaatsen, het skelet van de trilhaartjes weer oprichten) niet aanslaan. De cel blijft anders gevangen in het hamsterwiel, zoals ik het op mijn uitlegpagina over tinnitus door lawaai heb beschreven.
- Het juiste bouwmateriaal aanleveren – dus precies die bouwstenen waarmee de cel nieuwe crosslinkers en actinestructuren kan maken, om die beschadigde bundel weer stevig aan elkaar te plakken.
Dit is precies het verloop dat bij mij de omslag bracht:
Korte versie In 60 seconden gelezen – de drie wegen op een rij
Drie soorten tinnitus, drie verschillende hefbomen. Bij tinnitus door lawaai was mijn weg een combinatie van een geluidsdieet, zoveel mogelijk diepe slaap en een consequent protocol met voedingsstoffen (B-vitamines, niacine, Q10, omega-3, lecithine, mineralen, melatonine) dat de ATP-productie omhoog jaagt – zodat de cel uit het hamsterwiel stapt en nieuwe crosslinkers kan plaatsen. Na drie tot vier maanden was mijn tinnitus weg. Bij tinnitus door stress zou mijn weg het conflictwerk volgens Michael Prgomet zijn: met de kinesiologische spiertest actieve spanningsvelden opsporen, opgeslagen emoties voor een uitgeteste duur „aanbinden" en de eigenlijke genezing 's nachts in de verwerking van je dromen laten gebeuren. Bij tinnitus door gif en medicijnen is de belangrijkste hefboom de bron: medische diagnostiek (inclusief mobilisatietest), amalgaamvullingen laten vervangen, zware metalen laten afvoeren met chelatoren onder toezicht van een arts, of bij medicijnen stoppen in overleg met je arts. Bouwstenen voor de reparatie (lecithine, omega-3, eiwit, slaap) ondersteunen dat, afhankelijk van hoe zwaar het is – tot en met het volle energieprotocol bij schade aan de structuur.
De houding die alle drie gemeen hebben: je lichaam geven wat het nodig heeft, zodat het zichzelf weer in balans kan brengen.
Deel 1: mijn weg bij tinnitus door lawaai
Pijler 1: de werklast verlagen
1. Het geluidsdieet (de mechanische pauze)
Dat was een van mijn belangrijkste inzichten: uit angst voor dat geluid bestoken bijna alle mensen met tinnitus zichzelf met geluid – en zo heb ik het in het begin voor het allergrootste deel ook gedaan (toen vooral ruisvideo's op YouTube of de tv die aanstond om in slaap te vallen). Maar geluid is mechanische beweging. Elk maskerend geluid dwingt de stereocilia om verder te bewegen – dat is pure natuurkunde.
Beschadigde haarcellen hebben door de scheefstand van hun stereocilia ook zonder beweging van buiten al een permanent verhoogde instroom van ionen. Elke extra belasting met geluid leidt tot nog meer ionenstroom en daarmee tot een nog zwaardere belasting voor de cel. Het gevolg: de ionenpompen, die door dat blijvende lek toch al onophoudelijk draaien, worden nog verder naar de grens van hun belastbaarheid gedreven om die dreigende instorting te voorkomen.
En er komt nog een tweede, even ernstig probleem bij: blijvend geluid en harde uitschieters laten de actinefilamenten in die beschadigde bundel langs elkaar glijden. Zodra de cel door genoeg energie en bouwmateriaal überhaupt weer in staat is om nieuwe crosslinkers tussen die filamenten te zetten en het skelet aan elkaar te plakken, worden precies die verse crosslinkers er door die aanhoudende mechanische belasting weer uit getrild voordat ze goed kunnen binden. Stel je voor dat je verse specie tussen twee stenen wilt trekken terwijl iemand die stenen permanent heen en weer schuift. Het resultaat is hetzelfde: de cel bouwt met moeite op, en het geluid breekt haar werk op datzelfde moment weer af.
(Wil je begrijpen waarom dat op celniveau zo werkt, dan vind je de volledige mechaniek op mijn uitlegpagina over tinnitus door lawaai.)
Mijn aanpak was nu: ik moest leren meer stilte toe te laten, oftewel zo weinig geluid als maar mogelijk in mijn dag in te bouwen – en dat over de hele periode, tot mijn tinnitus volledig verdwenen was. Want wat ik voor mezelf had geconcludeerd, was: alleen als die mechanische prikkel van buiten stopt, krijgen die toch al op volle toeren draaiende ionenpompen überhaupt wat lucht – en de cel daarmee de kans om een deel van haar energie vrij te maken voor het repareren van dat skelet.
Daarbij had ik voor mezelf een basisregel opgesteld: hoe beter de cel van energie (ATP) en bouwmateriaal wordt voorzien, hoe eerder ze ook weer mechanische belasting door geluid verdraagt. Wanneer die buffer bereikt is, verschilt sterk van persoon tot persoon en hangt af van je beginsituatie, het beschadigde frequentiegebied en je algemene conditie.
Ik heb die regel aan den lijve in twee rondes meegemaakt: bij mijn eerste tinnitus (2011) had ik in principe wel voedingsstoffen binnen, maar ik liep voor een groot deel op stressenergie en cortisol – mijn energieniveau was in vergelijking met later duidelijk lager (niet zonder reden brak ongeveer een jaar later bij mij een zwaar chronisch vermoeidheidssyndroom uit). Zo streng moest ik toen dus ook leven – maandenlang bijna volledige stilte, geen muziek, geen koptelefoon, geen alledaags lawaai. Zelfs elk tikken van een klok had ik vermeden.
Wat nu volgt was toen heel riskant en had blijvende schade kunnen achterlaten. In geen geval nadoen.
Bij mijn tweede tinnitus (2016/17), die ik toen bewust als experiment uitlokte, was het anders: mijn ATP-voorraad zat door jarenlange consequente voeding en veel betere slaap op een compleet ander niveau. Deze keer was een slim compromis genoeg – uitschieters in geluid consequent vermijden (geen koptelefoon, geen stereo helemaal open, geen disco's), maar verder gewoon normaal leven. Ik ging boodschappen doen, naar de kermis, naar de film, ik zag vrienden. En toch was de tinnitus na ongeveer drie tot vier maanden volledig weg. (Het volledige verhaal van beide genezingen vind je in mijn korte versie.)
Voor mij was dat het meest overtuigende bewijs dat de vraag niet is: „Hoe extreem moet ik me terugtrekken?", maar: „Hoe goed is mijn cel op dit moment voorzien?" Hoe hoger mijn ATP-niveau en hoe beter het bouwmateriaal, hoe meer alledaags geluid mijn systeem kon verdragen – en hoe sneller de reparatie daarnaast verliep.
2. De nachtdienst van de cel (zoveel mogelijk diepe slaap)
Verder was het voor mij absoluut wezenlijk dat ik genoeg diepe slaap kreeg. In de diepe slaap schroeft je lichaam zijn reparatieprocessen op celniveau op – dat is fysiologisch goed onderbouwd. Er komen groeihormonen vrij, de eiwitaanmaak gaat omhoog en de activiteit van het immuunsysteem neemt toe.
Dat geldt heel in het bijzonder voor het gehoor: je oor is zo ingericht dat het zich 's nachts kan herstellen, omdat de prikkels uit de omgeving drastisch afnemen en het niet meer actief en analytisch hoeft te horen. Precies doordat dat actieve horen wegvalt, komt de capaciteit en energie vrij die de cel voor haar reparatie nodig heeft. Diepe slaap was daarom voor mij een absoluut beslissende factor in het hele proces.
Pijler 2: de energie maximaliseren (mijn persoonlijke aanpak)
Slaap en lawaai vermijden (pijler 1) brachten bij mij tijdens mijn eerste tinnitus (2011) in het begin de eerste merkbare verbetering. Het systeem kwam een beetje tot rust. Maar op een gegeven moment liep ik tegen een onzichtbare muur aan – een plateau waar het ondanks al die rust simpelweg niet verder ging. Terugkijkend snap ik dat vandaag wel: de cel zat nog steeds in het hamsterwiel. Rust alleen was niet genoeg om de eigenlijke reparatie te starten. Het ontbrak simpelweg aan energie.
Bij mijn eerste tinnitus tastte ik me daarna in een lang, moeizaam proces via eigen experimenten met voedingsstoffen naar dat energieprobleem toe – B12-prikken, lecithine, een breed orthomoleculair schema. Die hele weg staat uitgebreid beschreven in mijn biografie deel 1. Uiteindelijk heeft hij gewerkt, maar was allesbehalve efficiënt.
De beslissende doorbraak – hoe je ATP in ingestorte cellen systematisch en snel weer omhoog krijgt – maakte ik pas een tijd later mee, en niet aan mijn oor, maar aan mijn hele lichaam. In 2013 was ik in het chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS) gestort, met een gedocumenteerde ATP-waarde van 0,37 en bijna volledige bedlegerigheid. Wat me daar weer op de been heeft gekregen, was een speciaal vloeibaar concept met voedingsstoffen – in combinatie met stap voor stap opgebouwde training voor mijn hart en bloedvaten (mijn bloedsomloop lag toen volledig plat, en een werkend hart-en-vaatsysteem is bij energie een sleutelelement) en veel betere slaap. Die combinatie had mijn energiestofwisseling zo enorm aangezwengeld dat ik binnen twee maanden uit die bedlegerigheid terug in het leven kwam – weer normaal meedoen en sporten. In de twee jaar daarna vond ik uiteindelijk zelfs weer de weg terug naar een lichamelijk zeer zware voltijdbaan.
Toen ik jaren later met een tweede tinnitus werd geconfronteerd, had ik voor het eerst een echt, in de praktijk getest systeem in handen. Omdat het me duidelijk was dat aan tinnitus dezelfde oorzaak op celniveau ten grondslag ligt als aan CVS – een enorm tekort aan ATP-energie, dat hier de reparatie van de beschadigde stereocilia blokkeerde – startte ik deze keer direct mijn hele protocol, zonder eerst experimenteel af te wachten. Ik gebruikte precies dat systeem met voedingsstoffen opnieuw als mijn persoonlijke „bypass", deze keer gericht op mijn oren.
De basisvoorwaarde: eet genoeg
Voordat ik toekom aan het concrete dagverloop, nog een punt dat zo banaal klinkt dat de meeste mensen met tinnitus er volledig aan voorbijgaan – en juist daarom wil ik het expliciet vooropstellen: eet genoeg. ATP komt uiteindelijk uit calorieën. Uit de koolhydraten en vetten die je lichaam werkelijk kan verbranden. Wie tijdens die herstelfase tegelijk aan de lijn doet of in een calorietekort leeft, zaagt aan de tak waarop hij zelf zit – de energie die er voor de reparatie op celniveau beschikbaar is, zakt duidelijk. Zonder dat energiefundament wordt het echt moeilijk.
Op die basis zag mijn dag er toen zo uit:
1. De ochtendkick
Zoals hierboven beschreven greep ik opnieuw naar diezelfde producten die me in combinatie met een aangepaste leefstijl al uit mijn CVS hadden geholpen – ik kende dat dagverloop al precies en wist welke effecten het op mijn energieniveau heeft. Mijn dag begon direct na het wakker worden op een lege maag. Ik mengde een voedingsstoffenconcentraat met B-vitamines en niacine in een groot glas water. Daarnaast dronk ik 's ochtends altijd nog een halve liter water puur – heel bewust, zodat mijn bloed vloeibaarder wordt en het transport meteen vanaf het begin goed loopt.
Wat er dan gebeurde: kort na het drinken zette de typische niacine-flush in – mijn gezicht werd warm, mijn oren rood. Niacine zet de perifere bloedvaten open – voor mij was dat de merkbare bevestiging dat de transportweg nu extra wijd open staat. Want hoe beslissend het ook is om de cel van binnen met ATP op te laden – de hele toevoer komt beter aan naarmate de allerfijnste haarvaten van het binnenoor vrijer doorbloed worden. Die flush was voor mij het merkbare signaal: brandstof en bouwmateriaal hebben nu vrij baan naar de haarcel.
Belangrijk om het goed te plaatsen: in de dosering waarin ik niacine neem (zie de productpagina) is die flush merkbaar, maar gematigd – gezicht en oren worden warm, soms rood, misschien je handen ook. Niet dat extreme knalrode effect over je hele lichaam dat je uit sommige video's kent, waarin mensen pure niacine bij de gram nemen en er over hun hele lichaam uitzien als een gekookte kreeft. Dat heftige effect komt in de regel alleen door een flinke overdosering. Heb je nog nooit niacine genomen, dan kun je de eerste keer toch even schrikken – die reactie is onschuldig en zakt na 20 tot 30 minuten vanzelf weer weg.
2. De basisvoeding (ongeveer 30 min later)
Ongeveer 30 minuten later volgde een breed preparaat met voedingsstoffen. Mijn doel was om mijn lichaam over de ochtend verdeeld een brede basis te geven, zodat mijn stofwisseling de hele dag stabiel loopt en er geen energiegaten vallen. Vooral belangrijk vond ik daarbij het aandeel vetoplosbare vitamines en vitamine C – vetoplosbare vitamines spelen zowel bij het beschermen van de cel als direct als cofactor in de energieproductie een versterkende rol, en vitamine C is als wateroplosbare cofactor bij talloze processen in de stofwisseling betrokken. Juist die combinatie wordt vaak over het hoofd gezien als iemand naar „dat ene vitamine" of „dat ene mineraal" zoekt.
Direct in dat drankje met voedingsstoffen deed ik tegelijk een paar druppels van een omega-3-olie met daarin Q10 en dronk ik het samen op. Die combinatie was geen toeval: vetoplosbare vitamines hebben, zoals de naam al zegt, olie nodig om door je lichaam überhaupt goed opgenomen te kunnen worden. En omdat Q10 ook vetoplosbaar is, werd dat in die omega-3-olie meteen meegenomen. Een simpele, maar heel effectieve combinatie.
Q10 heeft in mijn protocol een concrete taak – mijn natuurgeneeskundig therapeut legde het me toen zo uit: Q10 zit direct in de ademhalingsketen van de mitochondriën en jaagt vooral de koolhydraatstofwisseling aan. Het werkt als een extra helper bij het omzetten van brandstof in bruikbare energie. En ATP is in het hamsterwiel-scenario het absolute knelpunt. Zolang de ionenpompen alle beschikbare energie opslokken, alleen om dat blijvende lek te beheersen, blijft er voor de bouwploeg boven bij het skelet van de stereocilia simpelweg niets over. Pas als er een overschot is, kan de eigenlijke reparatie aanslaan – nieuwe crosslinkers plaatsen, die bundel weer tot een stevige staaf aan elkaar plakken.
3. Lecithine (over de dag, na de maaltijd)
Lecithine nam ik zonder vast schema – meestal na een maaltijd, verdeeld over de dag, vaak tussen de middag en de avond. Lecithine levert de fosfolipiden, dus de grondstof voor de celmembranen waarin de pompen, receptoren en structuren pas goed kunnen zitten.
4. De reparatiefase van de nacht ('s avonds)
Ongeveer een uur voor het slapen dronk ik een mineralendrankje – met onder meer magnesium – en mengde ik de melatonine er direct bij. Zo kon ik beide in één keer nemen. Magnesium en de andere mineralen helpen je lichaam in de ruststand te komen, en melatonine ondersteunt het inslapen en de diepe slaap. Precies die fase had de cel nodig om dat beschadigde skelet daadwerkelijk op te bouwen: 's nachts vallen de mechanische prikkels op je oor grotendeels weg, hoeven de pompen niet meer op de absolute grens te draaien, en kan de energie die vrijkomt naar de eigenlijke reparatie.
De precieze hoeveelheden en doseringen waarmee ik toen werkte, vind je op mijn productpagina – met alle details over de afzonderlijke producten en aanwijzingen om het aan jezelf aan te passen.
Het resultaat: binnen ongeveer drie tot vier maanden waarin ik dat protocol consequent volgde – samen met het geluidsdieet – verbeterde mijn toestand zo enorm dat mijn tinnitus volledig verdween. Mijn audiogramwaarden zijn in die tijd ook duidelijk beter geworden.
Wetenschappelijke context
Mijn aanpak klinkt op het eerste gezicht misschien onconventioneel. Maar het idee dat het verhogen van ATP in cellen van het slakkenhuis het herstel na schade door lawaai bevordert, wordt inmiddels ook in het onderzoek van de farmaceutische industrie actief onderzocht. Het medicijn AC102 (AudioCure Pharma), dat momenteel in een Europese fase 2-studie wordt getest, werkt volgens datzelfde basisprincipe: het verhoogt de ATP-productie in de cel en vermindert oxidatieve stress in de haarcellen. In preklinisch onderzoek verminderde één enkele dosis het tinnitusgedrag bij Mongoolse gerbils significant en herstelde het de beschadigde synapsen van de gehoorzenuw. In een parallel model voor gehoorverlies konden de gehoordrempels met 13–31 dB verbeterd worden – een significante verbetering, al was het geen volledig herstel.
Ook de low-level-lasertherapie (fotobiomodulatie), die al decennia in gespecialiseerde praktijken wordt gebruikt, richt zich op datzelfde mechanisme: nabij-infrarood licht verhoogt de activiteit van de mitochondriën en daarmee de ATP-productie in de cellen van het slakkenhuis.
Drie verschillende wegen – medicijn, laser, protocol met voedingsstoffen – richten zich dus op hetzelfde doel: de cel weer van energie voorzien, zodat ze uit het hamsterwiel kan stappen en haar eigen reparatiemachine weer kan aanzwengelen. Mijn weg was de orale aanpak via voedingsstoffen.
Wil je dieper in de wetenschappelijke basis duiken – inclusief de stand van het onderzoek naar Q10, de ATP-stofwisseling en het herstel van het slakkenhuis – dan vind je op mijn bronnenpagina de bijbehorende onderbouwing.
Wat ik concreet heb gebruikt
De producten die ik zelf op mijn weg heb ingezet, vind je op mijn productpagina. Daar zet ik alles transparant op een rij – inclusief de informatie of en hoe ik met de betreffende fabrikanten verbonden ben.
Belangrijk: dat die producten bij mij een beslissende rol hebben gespeeld, betekent niet dat ze bij ieder ander mens hetzelfde doen. Elk lichaam is anders, elke tinnitus heeft zijn eigen voorgeschiedenis, en mijn weg is voor niemand een garantie.
Mijn conclusie over tinnitus door lawaai: de lange adem
Voor mij was dat hele proces geen snelle oplossing, maar een marathon. Reparatie op celniveau kost energie – dat is biologische werkelijkheid. Waar die energie vandaan komt, hoe ze verdeeld wordt en of ze genoeg is, dat is de beslissende vraag.
Toen ik ophield mijn oor met onnodig geluid te belasten (pijler 1) en begon mijn lichaam gericht van voedingsstoffen te voorzien (pijler 2), kwam er bij mij iets in beweging. Mijn tinnitus is al ruim negen jaar volledig verdwenen, en mijn audiogrammen bevestigen die verbetering.
Of mijn biochemische model daar de precieze verklaring voor levert, kan ik niet met absolute wetenschappelijke zekerheid bewijzen – daarvoor zouden gecontroleerde studies nodig zijn. Maar dat het in dezelfde richting wijst als het huidige onderzoek (AC102, fotobiomodulatie) laat zien dat het basisidee – meer ATP als sleutel tot herstel van het slakkenhuis – geen fantasie is, maar een principe dat de wetenschap steeds serieuzer neemt.
Dit proces heeft tijd en geduld nodig. Maar als ik kijk waar ik toen stond en waar ik vandaag ben, dan is elke afzonderlijke dag het waard geweest.
Deel 2: mijn voorstel bij tinnitus door stress
Tot zover tinnitus door lawaai. Maar tinnitus is niet altijd hetzelfde – en tinnitus door stress is een compleet ander beest. Hier werkt dezelfde strategie niet, omdat hier het oor ook niet het probleem is. De oorzaak zit, zoals ik uitgebreid beschrijf op mijn pagina over tinnitus door stress, in het zenuwstelsel zelf – in vastgehouden, elektrisch opgeladen conflicten die zich niet meer oplossen.
Dat betekent ook: de weg naar verbetering ziet er anders uit. Hier gaat het er niet om haarcellen te voeden of ATP omhoog te jagen. Hier gaat het erom die vastgehouden stroom weer in beweging te krijgen.
Waarom ik deze aanpak deel – hoewel ik zelf nooit stress-tinnitus heb gehad
Voordat ik uitleg wat ik concreet zou doen, eerst iets belangrijks duidelijk maken: ik heb zelf nooit tinnitus door stress gehad. Ik ken dit type tinnitus niet uit mijn eigen oor. Mijn vertrouwen in de aanpak die ik hier deel komt uit drie andere bronnen:
Eén: ik heb deze methode aan den lijve ervaren – maar in een andere context. In 2013 was mijn zenuwstelsel door psychosomatische stress zo zwaar overprikkeld dat ik zware CVS-verschijnselen had. De natuurgeneeskundig therapeut en docent Michael Prgomet, die al meer dan 30 jaar precies met deze aanpak werkt, heeft me toen geholpen die diep zittende spanningen op te lossen. Hoe deze methode voelt en wat ze biologisch in beweging brengt, weet ik dus uit de eerste hand.
Twee: ik heb in de praktijk meegemaakt hoe andere patiënten tijdens dit werk duidelijk opknapten – met de meest uiteenlopende psychosomatische klachten, waaronder een handvol met tinnitus door stress.
Drie: Prgomet heeft zelf decennia aan ervaring met deze vorm van tinnitus en heeft in die tijd talloze gevallen succesvol begeleid. Dat is zijn uitspraak, niet de mijne, en ik geef die precies zo door als ik die ken.
Uit die combinatie – mijn eigen heel positieve ervaring, het meemaken van andere gevallen en Prgomets decennia aan praktijk – voel ik me zeker genoeg om deze weg hier te delen. Niet als belofte van genezing, maar als wat ik zelf zou doen als ik met tinnitus door stress te maken had.
De basisgedachte: het conflict activeren in plaats van het te vermijden
Als een emotie geblokkeerd of weggedrukt is, blijft haar elektrische stroom gevangen in het zenuwstelsel. Vooral als je minutenlang in belastende gevoelens als wanhoop, angst of uitzichtloosheid blijft hangen en geen uitweg vindt. Precies op die momenten ontstaan er nieuwe verbindingen tussen zenuwcellen die dat conflict als onopgelost opslaan. Die opgeslagen spanningsvelden ontladen zich later ongecontroleerd – soms via je gehoor.
De weg eruit ligt erin dat oude conflict weer te activeren in plaats van het verder te ontwijken. Daarbij hoef je de oorspronkelijke situatie helemaal niet in detail te kennen of te analyseren. Het is genoeg om een emotie te vinden die de oorsprong benadert, en die bewust toe te laten. Zinnen als „Ik kan niet meer", „Alles is te veel" of „Ik zie geen uitweg" activeren die oude verbinding tussen zenuwcellen opnieuw. En op dat moment – met bewustzijn en de bereidheid om die emotie toe te laten in plaats van weg te drukken – kunnen je hersenen een nieuwe, corrigerende verbinding aanleggen.
Stap 1: de kinesiologische spiertest
In de praktijk gaat dat zo: je ligt op een behandeltafel of in een bed. Een therapeut of iemand die je vertrouwt test je. Je heft je sterkere arm en houdt hem uitgestrekt. De ander pakt je arm en geeft lichte tegendruk, terwijl jij zelf tegenhoudt.
Zolang er geen conflict actief is, blijft je arm stabiel. Maar zodra een zin of gedachte een opgeslagen conflict in je zenuwstelsel raakt, laat de spierspanning één tot twee seconden los. Je arm wordt kort zwakker. Dat is het signaal: hier is een stresspunt in je zenuwstelsel actief.
Nog even eerlijk daarover: ik weet heel goed dat de kinesiologische spiertest wetenschappelijk omstreden is. Maar dat komt vooral door de manier waarop hij vaak wordt gebruikt – namelijk als een soort „waarheidsorakel", waarmee je met ja-nee-vragen allergieën, intoleranties of diagnoses wil achterhalen. Precies in die toepassing is hij in studies onderzocht en onbetrouwbaar bevonden – en eerlijk gezegd: daar is hij naar mijn idee ook helemaal niet voor bedoeld.
Zo zet ik – en Michael ook – hem uitdrukkelijk niet in. Bij ons is hij geen test voor diagnoses of waarheid, maar alleen een stressindicator: een aanwijzing of je lichaam op een bepaald thema nog met innerlijke spanning reageert – op voorwaarde dat hij netjes wordt uitgevoerd. Het gaat dus nooit om „goed of fout", maar alleen om de vraag: zit er nog stress – ja of nee?
Stap 2: de themavelden doorlopen
Nu vraag je het je onderbewuste direct – hardop: „Ik wil dat mijn tinnitus zo snel mogelijk verwerkt en opgelost wordt. Waar moet ik daarmee beginnen?"
Dan loop je een lijst met gebieden door: hoofd, nek, buik, borst, emotioneel hart, blokkade 1, blokkade 2, omgeving en meer. Bij welk gebied je arm zwakker wordt, daar zit op dat moment de sterkste elektrische belasting. Die lijst krijg je na het eerste gesprek met Prgomet of als onderdeel van zijn concept voor zelftherapie.
Voorbeeld hoofdgebied: als je hoofd reageert, zijn daar vaak emoties actief die met geestelijke druk, overbelasting of verlies van controle te maken hebben. Typische triggerzinnen die je dan achter elkaar test, zijn bijvoorbeeld:
- „Daar krijg ik hoofdpijn van"
- „Iets willen forceren"
- „Niet meer helder kunnen denken"
- „Mijn gedachten zitten in de mist"
- „Me niet verweren"
- „Daar wind ik me over op"
- „Ik kom niet tot een oplossing"
- „Wanhopig een oplossing zoeken"
- „Het overzicht verliezen"
- „De controle over mijn gedachten verliezen"
Bij elke zin waarbij je arm meegeeft, weet je: die emotie is actief en die hoort aangebonden te worden. Je noteert de treffers.
Stap 3: de duur uittesten
Voordat het eigenlijke proces begint, testen we kinesiologisch uit hoeveel verwerkingstijd nodig is. Dat klinkt in eerste instantie misschien magisch, maar is in werkelijkheid een puur fysiologische stressuitlezing van je eigen lichaam (in de psychologie spreekt men ook van interoceptie of van de „felt sense“ volgens Eugene Gendlin – je lichaam meldt zijn eigen innerlijke toestand terug). Als je je in gedachten op een emotie richt en achter elkaar verschillende tijden nagaat – bijvoorbeeld 3 minuten, 5 minuten, 7 minuten – gebeurt het volgende: getallen die niet bij de emotionele zwaarte van het thema passen, brengen in je zenuwstelsel helemaal geen reactie op gang. Er ontstaat geen stressimpuls, en je arm blijft sterk. Raak je daarentegen de duur die dit thema werkelijk nodig heeft, dan reageert je zenuwstelsel daarop – er vloeit een moment lang zoveel stresstroom dat je spierspanning kort wegzakt en je arm meegeeft. Het is dus geen orakel van buiten dat een magisch getal verkondigt, maar een uitlezing van binnen op de vraag: „Hoe lang heeft mijn systeem nodig om dit thema veilig te verwerken?“
Zodra je arm bij een getal zwakker wordt, is dat de passende duur. Wordt hij bijvoorbeeld bij zes minuten zwakker, dan is dat de gemiddelde waarde voor de emoties in dat gebied. Niet elke afzonderlijke emotie heeft precies die tijd nodig – sommige lossen al na drie minuten op, andere hebben langer nodig. Dat gemiddelde houdt het werk praktisch en geeft een duidelijk kader.
Stap 4: het aanbinden
Nu komt het eigenlijke proces. Je spreekt de betreffende emotie in een rustig, gelijkmatig ritme uit – terwijl je je tegelijk op een visuele prikkel concentreert, bijvoorbeeld een gekleurde, draaiende schijf of een screensaver. Daardoor worden je emotionele centrum en je visuele systeem in de hersenen tegelijk geactiveerd. Precies die gelijktijdige activering maakt het mogelijk om die oude verbinding los te maken en een nieuwe, rustiger baan aan te leggen.
Belangrijk: je blijft ontspannen en laat die emotie er gewoon zijn, zonder haar te analyseren of te beoordelen. Merk je dat je afgeleid raakt of je focus verliest, dan begin je simpelweg opnieuw. Beslissend is dat je die uitgeteste tijd – bijvoorbeeld zes minuten – volledig volhoudt. Dat gelijkmatige herhalen houdt het proces zuiver en zorgt ervoor dat het conflict volledig verwerkt wordt.
Stap 5: de verwerking in je dromen – waar de eigenlijke genezing gebeurt
Na het aanbinden hoef je verder niets actief te doen. Het meeste werk gebeurt 's nachts in je slaap. Michael Prgomet noemt dat de „droomverwerking".
Je onderbewuste werkt zelfstandig verder en zoekt – zoals hij het formuleert – naar „de beste oplossing" voor je huidige levenssituatie. Daarbij worden de betrokken zenuwcentra opnieuw verbonden, ontlaadt de elektrische spanning zich, en verdeelt de energie die eerder in het systeem vastzat zich weer gelijkmatig. Die innerlijke druk verdwijnt, en je zenuwstelsel vindt zijn natuurlijke ritme terug.
In de eerste dagen kan je lichaam trouwens zelfs sterker reageren – dat is in de psychotherapie een bekend verschijnsel en in de regel geen reden tot zorg. Daarna wordt het meestal merkbaar rustiger.
Hoe je dit bij jezelf kunt toepassen
Er zijn drie manieren om dit voor jezelf in praktijk te brengen:
- Direct bij de therapeut, bijvoorbeeld bij Michael Prgomet zelf. Het eerste gesprek bij hem is gratis, en hij is te bereiken via de telefoon, via WhatsApp of persoonlijk.
- Thuis met iemand die je vertrouwt, die de spiertest volgens de aanwijzingen met je doet.
- Via zijn zelftest – dat concept heet „KS Eigentherapie" of „KS Selbsttherapie". Daarin zitten de volledige handleiding, achtergrondkennis en video-instructies. De lijst met themavelden die je nodig hebt stelt hij na het eerste gesprek beschikbaar per e-mail, WhatsApp of in een persoonlijk gesprek.
Ik krijg geen commissie of iets dergelijks als iemand naar Michael Prgomet gaat of zijn zelftherapie gebruikt. Ik noem hem hier uit echte dankbaarheid en overtuiging, omdat zijn werk mij toen heeft geholpen.
Waarom het bij tinnitus door stress vaak sneller gaat
Nog een belangrijk punt tot slot: bij diepere psychische toestanden als een depressie verloopt dit proces duidelijk langzamer, omdat die spanningen dieper en complexer in elkaar geschoven zitten. Tinnitus door stress zit in de regel oppervlakkiger. Daarom kan de verbetering vaak al binnen een paar weken of maanden merkbaar worden – terwijl dieper liggende emotionele aandoeningen duidelijk meer tijd nodig hebben.
Deel 3: mijn voorstel bij tinnitus door gif en medicijnen
Tot zover tinnitus door stress. Dan blijft de derde weg over – en die speelt nog weer volgens compleet andere regels. Bij tinnitus door gif en medicijnen ligt de hefboom niet bij de voedingsstoffen zoals bij tinnitus door lawaai, en ook niet bij het conflictwerk zoals bij tinnitus door stress, maar direct bij de wortel: bij de stof die het uitlokt. Zolang die nog in je lichaam doorwerkt, verloopt elke reparatie maar heel beperkt – wat je er daarnaast ook probeert.
Eerst iets belangrijks duidelijk maken
Voordat ik begin, moet ik eerst even zeggen: bij tinnitus door lawaai weet ik precies wat werkt – ik heb het immers twee keer zelf doorgezet. Bij tinnitus door gif is dat anders. Daar heb ik geen eigen genezingsverhaal dat ik je kan laten zien.
Wat ik wel heb, is een verbindend model uit decennia speurwerk. Dat trekt meerdere bekende losse biochemische feiten samen en leidt daar een strategie uit af die voor mij logisch is. Dus: geen protocol dat ik zelf heb doorleefd, maar een model – dat ik je hier als houvast meegeef.
Wat er in je lichaam gebeurt – heel kort
Zware metalen en ototoxische medicijnen beschadigen het gehoor op verschillende niveaus. Ze blokkeren onder meer de ionenpompen, beschadigen de mitochondriën, tasten de myelineschede van de gehoorzenuw aan of prikkelen zelfs gehoorbanen in de hersenen (al is dat laatste naar mijn inschatting eerder het zeldzamere geval en niet de meest voorkomende oorzaak van tinnitus). Welk van die mechanismen bij jou op de voorgrond staat, hangt af van de concrete stof en van je persoonlijke voorgeschiedenis. De hele mechaniek in detail vind je op mijn uitlegpagina over tinnitus door gif.
Wat voor de oplossing belangrijk is, geldt daar echter los van: de bron moet weg. Pas dan kan je lichaam de verschillende soorten schade, afhankelijk van het celtype, überhaupt repareren.
Stap 1: heb je eigenlijk een gegrond vermoeden?
Voordat we over oplossingen praten, eerst een eerlijke vraag: heb je eigenlijk een concrete aanleiding om aan te nemen dat jouw tinnitus misschien door gif of zware metalen is uitgelokt?
Klinkt misschien eerst banaal – maar dat is het niet. Tinnitus door zware metalen herkennen is namelijk verdomd moeilijk. De klachten zijn vaak vaag en vermengen zich vooral met heel andere klachten. Volgens mijn speurwerk kunnen zware metalen onder meer, meestal ook in combinatie met andere factoren, bijdragen aan allergieën, eczeem, chronische vermoeidheid, concentratieproblemen enzovoort. En ja, helaas is er ook geen simpel hulpmiddel om zelf vast te stellen: „Ja, dat is het." Wat mensen meestal hebben, zijn eerder aanwijzingen.
Aanwijzingen zijn naar mijn idee bijvoorbeeld:
- Belasting via je werk – bijvoorbeeld als medewerker in een tandartspraktijk waar onder andere met amalgaam wordt gewerkt, of ook in een spuiterij of in de chemie enzovoort.
- Meerdere amalgaamvullingen in je mond – of een recente verwijdering zonder beschermende maatregelen
- Een concreet voorval dat je je herinnert: een gebroken kwikthermometer of een spaarlamp die op de grond viel
- Oude loden waterleidingen in je huis enzovoort.
Extra goed kijken moet je naar mijn idee als er naast de tinnitus tegelijk nog andere vage bijklachten zijn opgekomen, zoals onder meer allergieën, huidproblemen of cognitieve haperingen, in dezelfde periode.
Zonder zo'n aanwijzing is tinnitus door zware metalen eerlijk gezegd eerder onwaarschijnlijk. Naar mijn inschatting zijn chemisch uitgelokte vormen van tinnitus toch al maar een kleiner deel van alle gevallen.
Stap 2: de belangrijkste stap – de bron dichtdraaien
Heb je werkelijk een gegrond vermoeden, dan is de eerste stap geen zelfmedicatie of een protocol met voedingsstoffen. Maar deskundig onderzoek en het verwijderen van de bron van dat gif.
Zolang er steeds zware metalen bij komen – bijvoorbeeld uit vullingen, uit belaste ruimtes of uit je werk – is elk reparatiewerk aan de zenuw boter aan de galg. Je lichaam bouwt op, het gif blijft aanvallen, de schade blijft.
Diagnostiek: eerst meten, dan handelen
Heb je het vermoeden dat je met zware metalen belast bent, dan zou ik iedereen aanraden eerst naar een ervaren arts te gaan, of naar een milieuarts – dus iemand die werkelijk verstand heeft van toxicologie. Vooral voor gerichte bloedtests en de juiste diagnostiek. Die heeft simpelweg de instrumenten en de bevoegdheden die je daarvoor nodig hebt. Een natuurgeneeskundig therapeut mag die weg dan best begeleidend meelopen – maar de eigenlijke diagnostiek hoort voor mij duidelijk in de handen van een arts. Een goed startpunt om zo'n arts in je buurt te vinden is de ledenlijst van de Europese Vereniging voor Klinische Milieugeneeskunde (EGKU).
Een bijzonder belangrijke rol speelt daarbij de zogenoemde mobilisatietest – soms ook provocatietest genoemd. Bij dat onderzoek krijgt de patiënt van de arts een stof toegediend die een deel van de in het lichaamsweefsel opgeslagen zware metalen gecontroleerd mobiliseert – ze dus kort uit hun opslag losmaakt, in een hoeveelheid die in het lab te meten is, zonder je lichaam daarbij te overbelasten. Ze komen daardoor in je bloed of in je urine terecht en kunnen daar in het lab worden aangetoond. Zo ziet de arts het zwart op wit: bijvoorbeeld kwik twintigvoudig verhoogd, lood drievoudig, cadmium licht boven de norm enzovoort – of juist niets bijzonders. Precies dat geeft de hele behandeling een concrete basis in plaats van een vaag vermoeden.
De bron dichtdraaien
Pas als duidelijk is welke metalen in welke hoeveelheid aanwezig zijn – en idealiter ook waar ze vandaan komen – begint het eigenlijke werk.
Bij verdachte amalgaamvullingen zou ik alleen naar een tandarts gaan die uitdrukkelijk gespecialiseerd is in de standaarden van de milieutandheelkunde – dus met een rubberdam, aparte afzuiging en de bijbehorende beschermende maatregelen. Een slecht uitgevoerde verwijdering kan namelijk meer schade aanrichten dan de vulling zelf. Een goed startpunt om een daarvoor gekwalificeerde tandarts in je buurt te vinden is de therapeutenzoeker van de Duitse Vereniging voor Milieutandheelkunde (DEGUZ).
En bij acute bronnen als een spaarlamp of belasting via je werk geldt: opsporen, vermijden, laten saneren.
De metalen uit je weefsel halen
Hier komen vooral de zogenoemde chelatoren in het spel. Dat zijn stoffen die onder meer zware metalen gericht binden en daarna via je nieren of je ontlasting uitscheidbaar maken.
Vereenvoudigd gezegd werkt dat als twee magneten van verschillende sterkte. Dat zware metaal zit vast in je weefsel of in je cellen, gebonden aan structuren van je eigen lichaam – vooral aan de zwavelbouwstenen van eiwitten. Die binding is stabiel genoeg dat het metaal daar jarenlang kan blijven zitten zonder daar vanzelf weer uit te verdwijnen. De chelator is bij wijze van spreken de nog sterkere magneet: komt hij in de buurt, dan springt het metaal chemisch naar hem over. Dat complex is wateroplosbaar, gaat je bloed in, eruit via je nieren – klaar. Het is dan wel geen echt magnetisme, maar chemische concurrentie – maar ik vind dat dat beeld het effect goed raakt.
Precies dat mechanisme is beslissend als zware metalen diep in je zenuwweefsel zitten. Want pure huismiddelen als bentonietklei of chlorella zijn ook nuttig, maar ze spelen een andere rol – ze binden zware metalen vooral alleen in je darm en voorkomen dat metalen die via de gal zijn uitgescheiden weer worden opgenomen. Dat betekent dat ze bijna niet in je bloed komen en daarmee ook niet in je zenuwweefsel. Ze trekken dus – naar wat ik tot nu toe heb uitgezocht – geen kwik uit je gehoorzenuw. Oftewel: wie serieus zware metalen uit de binnenkant van zijn lichaam wil halen, komt in de regel niet om echte chelatoren onder toezicht van een arts heen.
Een eigen vermelding verdient ook nog koriander (ook cilantro genoemd), waaraan in de natuurgeneeskunde – bijvoorbeeld in de protocollen van dr. Dietrich Klinghardt – een bijzondere rol wordt toegeschreven. Die aanname komt uit decennia natuurgeneeskundige praktijk en is niet met klassieke klinische studies onderbouwd. Anders dan klassieke chelatoren bindt hij zware metalen niet direct, maar mobiliseert hij ze uit diepere opslagplekken als je hersenweefsel of je mitochondriën – dus juist daar waar bij tinnitus door zware metalen vaak een groot deel van de schade zit.
Als koriander nu in therapeutische hoeveelheid wordt ingezet en er daarbij tegelijk geen binder in je bloed werkt – zoals bijvoorbeeld een klassieke chelator onder toezicht van een arts – dan kunnen die gemobiliseerde metalen zich op hun weg door je systeem ook elders weer vastzetten, voordat ze überhaupt in je darm belanden. Dat noemt men het „re-toxificatie-effect", en dat kan de klachten tussentijds zelfs flink verergeren. Het is dus zeker verstandig om er ook chlorella of bentonietklei bij te nemen – maar zoals eerder gezegd werken die vooral in je darm en kunnen ze dus niet garanderen dat er niet al eerder een deel van die gemobiliseerde metalen elders blijft hangen.
Het gebruik hoort dus duidelijk in deskundige handen, niet in eigen beheer.
Wie deze alternatieve weg overweegt, kan in de natuurgeneeskunde zoeken naar speciaal bereide tincturen van chlorella en koriander. Die zijn in de regel behoorlijk duur, maar in de natuurgeneeskundige praktijk wordt aangenomen en gezien dat ze het mobiliseren en afvoeren van zware metalen uit je weefsel kunnen ondersteunen.
Toch zou ik zelf eerder de weg via de arts aanraden – met gecontroleerde bloedtests, die klassieke mobilisatietest en een deskundig aanspreekpunt aan je zijde. Of in ieder geval een combinatie van de alternatieve en de medische weg: eerst diagnostiek bij de arts en na een paar maanden alternatief gebruik een controle van je bloed, om te zien wat er werkelijk gebeurt.
Waar het verschil zit tussen tinnitus door medicijnen en door zware metalen
Op dit punt is het de moeite waard nog te kijken naar een interessant verschil: bij sommige medicijnen als uitlokker – neem een korte overdosering met aspirine, wat normaal gesproken meerdere grammen betekent – herstelt het systeem na het stoppen vaak verrassend snel helemaal vanzelf. Waarom? Omdat de hardware van de haarcel helemaal niet fysiek beschadigd is. Het was „alleen" een biochemische ontsporing, die met het verdwijnen van het medicijn weer in het gareel komt.
Bij zware metalen ziet dat er heel anders uit. Die zetten zich diep in je zenuwweefsel vast en worden door je lichaam maar tergend langzaam weer afgegeven. Hier duurt het herstel duidelijk langer en heeft het actieve steun nodig – enerzijds door dat vakkundig afvoeren, anderzijds door wat er in de volgende stap komt: het juiste bouwmateriaal voor de reparatie.
Stap 3: wat er als steun werkelijk zin heeft
Als de bron dichtgedraaid is en er – als dat nodig is – een afvoer onder begeleiding van een arts loopt, komt de volgende vraag: wat kan ik uit mijn eigen ervaring bijdragen om die herstelfase te ondersteunen?
Hier moet ik nog eens eerlijk zijn – en tegen wat veel tinnitussites je willen verkopen in: bij pure tinnitus door zware metalen heb je, als die bron eenmaal weg is en je in principe gezond en niet te oud bent, naar mijn overtuiging helemaal geen uitgebreid energieprotocol nodig zoals bij tinnitus door lawaai. Je lichaam kan zichzelf verrassend goed herstellen – alleen duidelijk langzamer dan wanneer het volle energiesteun krijgt.
Eerlijk gezegd vermoed ik zelfs dat veel mensen ook helemaal zonder supplementen tot genezing zouden komen zodra die bron van gif weg is – simpelweg door tijd, genoeg slaap en goed eten. Je lichaam kan fosfolipiden en dergelijke tot op zekere hoogte zelf maken, als de bouwstenen via je voeding binnenkomen. Het duurt alleen wel duidelijk langer, en in die tijd moet je met de tinnitus leven.
Drie ernstgraden, drie verschillende reparatiebehoeften
Hoeveel steun bij het herstel je lichaam precies nodig heeft, hangt ervan af hoe diep de schade gaat. Naar mijn idee zijn er bij tinnitus door zware metalen drie typische ernstgraden, die naadloos in elkaar kunnen overgaan.
Graad 1 – schade aan de zenuw (meest voorkomende geval): het hoofdprobleem is hier de aangetaste myelineschede van de gehoorzenuw tussen het binnenoor en de hersenstam. De zenuw is geïrriteerd, ontstoken, geleidt verkeerd. De haarcellen zelf zijn echter grotendeels intact, hun structuren werken nog. Hier is naar mijn inschatting in veel gevallen het simpele basisschema al genoeg – lecithine, omega-3, eiwit, slaap – gecombineerd met het afvoeren van de zware metalen.
Graad 2 – biochemische stress in de haarcel: hier hebben de zware metalen in de haarcellen de ATP-pompen geblokkeerd, mitochondriën geremd en enzymen in de energiestofwisseling verstoord. Daarnaast hebben ze vaak zink verdrongen bij de receptoren van de gehoorzenuw – en zink werkt daar als een natuurlijke rem, die het zenuwstelsel beschermt tegen overreageren op elke kleine prikkel. Valt die rem weg, dan wordt de gehoorzenuw extra overprikkelbaar. De balans van de ionen raakt in de war, kalium en calcium stromen meer naar binnen, de oxidatieve stress stijgt. Maar – en dat is het beslissende punt – de bouwstenen van de structuur van de haarcel (actinefilamenten, crosslinkers, de vorm van de stereocilia) zijn in die toestand nog niet verwoest. Ze staan alleen biochemisch onder druk. Hier helpt naast het basisschema het volle energieprotocol uit pijler 2 – B-vitamines, Q10, mineralen (gericht met zink en selenium), antioxidanten – om de energiehuishouding weer op te schroeven, de pompen te ontlasten en de verdrongen sporenelementen weer aan te vullen, zodra die zware metalen worden afgevoerd.
Graad 3 – schade aan de structuur (het zwaarste geval): als die belasting met zware metalen al werkelijk lang en intens aanwezig was, zijn de haarcellen op een gegeven moment zo zwak geworden dat er ook zonder een klassiek trauma door lawaai echte schade aan de structuur optreedt. Daar is dan geen disco-avond met 110 decibel meer voor nodig – normaal alledaags lawaai is genoeg om de laatste reserves uit te putten. Actineverbindingen scheuren, crosslinkers breken, de stereocilia knikken om, hun vorm kantelt. Daarmee zitten we uiteindelijk in dezelfde eindtoestand als bij tinnitus door lawaai: blijvend verbogen haartjes, tip-links onder blijvende spanning, ionenkanalen blijvend open, de haarcel in het energetische hamsterwiel. Het verschil met pure tinnitus door lawaai: hier moet daarnaast die belasting met zware metalen weg, anders herstelt er helemaal niets. Reparatie heeft in dat geval het complete programma nodig: bron weg + geluidsdieet + vol energieprotocol + bouwstenen voor je zenuwweefsel.
Het geniepige is: je zult van buitenaf bijna niet met zekerheid kunnen zeggen in welke graad je precies zit. Daarom zou ik je aanraden om je naar je beste inschatting te richten – en bij twijfel liever een stap meer steun te kiezen dan een stap te weinig. De basispijler blijft in alle drie de graden echter identiek: bron weg, anders loopt je lichaam verder met die schade.
De praktische middenweg
Wat ik voor de meeste mensen een realistisch begin vind – goedkoop, eenvoudig, en volgens mijn model precies wat zenuwweefsel voor de reparatie nodig heeft:
Lecithine als leverancier van fosfolipiden. De myelineschede van de gehoorzenuw bestaat voor bijna 80 % uit vetten. Als die laag door zware metalen is aangetast, zijn fosfolipiden het basisbouwmateriaal waarmee je lichaam hem weer opbouwt. Precies die logica is in het onderzoek aan perifere zenuwen inmiddels goed gedocumenteerd – fosfatidylcholine (het hoofdbestanddeel van lecithine) is als bouwstof voor Schwann-cellen en myeline algemeen erkend.
Omega-3-vetzuren – vooral DHA is een centraal bestanddeel van zenuwweefsel. Daarnaast remt omega-3 ontstekingen, wat bij een chronisch geïrriteerde zenuw extra nuttig is.
Genoeg eiwit uit echt voedsel. Reparatie kost aminozuren, en een chronisch eiwittekort remt elk herstel van weefsel af.
Goede slaap – zoals al bij pijler 1 beschreven schroeft je lichaam 's nachts zijn reparatieprocessen op. Bij zenuwweefsel geldt dat net zo goed als bij haarcellen.
Minder lawaai in je dagelijks leven – ook al is de schade hier niet in de eerste plaats mechanisch, een gestrest gehoor heeft er niets aan om er ook nog geluid bovenop te krijgen. Een gematigd geluidsdieet helpt je zenuwstelsel om terug te schakelen.
Wie het goedkoop en eenvoudig wil houden, komt met deze vijf punten naar mijn overtuiging al heel ver.
Als het sneller en grondiger moet: het volle energieprotocol
Het volle energieprotocol dat ik bij tinnitus door lawaai heb ingezet (pijler 2) is hier geen must – maar het kan een hoop versnellen. Daar komen dan nog extra B-vitamines bij (klassieke cofactoren voor het repareren van zenuwen), mineralen, Q10, antioxidanten als vitamine C en E en ook selenium en zink. Zware metalen brengen tijdens die belasting namelijk vrije radicalen voort, die je weefsel verder beschadigen – en een goede antioxidantvoorziening kan hier dempend werken.
Wanneer is die inspanning het waard?
- Als je al belast bent – chronische aandoeningen, een zwakke darm, een hogere leeftijd, meerdere belastingen tegelijk. Dan is je eigen reparatieapparaat toch al beperkt, en dan maakt steun van buiten een merkbaar verschil.
- Als je merkbaar zou lijden onder maanden tot jaren wachten op dat langzame natuurlijke herstel. Dan is versnellen levenskwaliteit.
- Of als je toch al een opzet zoekt waarmee je lichaam ook buiten die acute reparatie stabiel gevoed is.
Het belangrijke punt blijft echter: het energieprotocol is hier niet de hefboom waarop tinnitus door zware metalen uiteindelijk kantelt. Die hefboom is de bron. Alles wat er aan steun met voedingsstoffen bij komt, versnelt een herstelproces dat zonder een dichtgedraaide bron helemaal niet op gang zou komen.
Stap 4: wat te doen bij tinnitus door medicijnen?
Bij medicijnen als uitlokker is de zaak vaak veel duidelijker dan bij zware metalen. Is jouw tinnitus in de tijd nauw samen met het slikken van een bepaald medicijn opgekomen – vooral bij de klassieke ototoxische verdachten als hooggedoseerde aspirine, aminoglycosiden, lisdiuretica, chemotherapeutica of kinine – dan is de oorzaak relatief duidelijk.
Bij tinnitus door medicijnen is de basislogica bijna identiek aan het geval van zware metalen – alleen in een eenvoudiger variant. Ook hier is de belangrijkste hefboom: de bron weg. In dit geval betekent dat: stoppen met het medicijn dat het uitlokt of overstappen op een ander. Maar alsjeblieft – en ik kan het niet vaak genoeg zeggen – altijd in overleg met je arts, nooit op eigen houtje. Bespreek met je behandelend arts of dat medicijn te missen is of door een ander preparaat kan worden vervangen. Sommige medicijnen worden immers tegen ernstige aandoeningen geslikt, en abrupt stoppen kan gevaarlijker zijn dan de tinnitus zelf.
Wat er na het stoppen gebeurt, hangt sterk af van welk medicijn de uitlokker was. Vanuit mijn model zie ik drie typische gevallen:
Geval 1 – het snelle standaardgeval (aspirine, lisdiuretica, kinine): deze stoffen verdwijnen na het stoppen relatief snel weer uit je lichaam – meestal binnen uren of dagen. Als de haarcellen niet in hun structuur beschadigd zijn (wat bij kortdurend gebruik van een hoge dosis vaak het geval is), herstelt het systeem zich vaak al binnen dagen tot weken helemaal vanzelf. Dat is het aspirinegeval dat ik hierboven heb beschreven – de hardware is heel, alleen de biochemie was even uit het gareel. Hier is meestal helemaal geen extra reparatieprotocol nodig. Geduld, goede slaap, goed eten – en je systeem kalibreert zichzelf opnieuw.
Geval 2 – het trage herstel ondanks stoppen (aminoglycosiden, cisplatine): sommige medicijnen gedragen zich geniepig anders. Bepaalde sterke antibiotica als de aminoglycosiden (bijvoorbeeld gentamicine) hopen zich namelijk op in het binnenoor en worden daar maar heel langzaam weer afgebroken – dat kan weken tot maanden duren, in extreme gevallen zelfs bijna een jaar. Ook chemotherapeutica als cisplatine bevatten bestanddelen van zware metalen op basis van platina, die zich op een vergelijkbare manier vastzetten. Oftewel: zelfs als je al lang met dat medicijn gestopt bent, kan het in je oor nog verder smeulen en schade aanrichten. Is jouw tinnitus dus na weken of maanden nog steeds aanwezig, dan is dat niet per se een teken dat de behandeling gefaald heeft – vaak is het simpelweg de werkzame stof die nog niet uit het binnenoor verdwenen is. Hier helpen geduld plus dezelfde steun bij het herstel als bij tinnitus door zware metalen: lecithine en omega-3 voor de zenuwen, antioxidanten tegen de oxidatieve stress, een goede energiehuishouding voor het repareren van cellen.
Geval 3 – als er schade aan de structuur blijft: is na al die tijd zonder medicijn de tinnitus nog steeds aanwezig – of het nu na een episode met een hoge dosis aspirine of na een verloop met aminoglycosiden is – dan ga ik ervan uit dat er werkelijk iets in de structuur beschadigd is. Crosslinkers verzwakt, actinefilamenten aangetast, membranen beschadigd. Daarmee zitten we weer in dezelfde eindtoestand als bij tinnitus door lawaai of bij graad 3 van tinnitus door zware metalen: de cel zit in het energetische hamsterwiel. Hier zou dan het volle reparatieprogramma op zijn plaats zijn – dus precies de aanpak die ik in pijler 2 voor tinnitus door lawaai heb beschreven. De ATP-voorziening opschroeven, bouwstenen voor de membranen leveren, antioxidanten beschikbaar stellen en geduld meebrengen. Plus, als dat nog niet gebeurd is: nog een keer met je arts nakijken of er werkelijk geen andere bron nasmeult.
Het mooie aan tinnitus door medicijnen, vergeleken met tinnitus door zware metalen: een echte ontgifting met chelatoren of iets dergelijks is hier in de allermeeste gevallen helemaal niet nodig. De werkzame stoffen verdwijnen met de tijd vanzelf – soms sneller, soms langzamer. Dat maakt de zaak in ieder geval beter te plannen.
Drie wegen, één houding
Drie soorten tinnitus, drie verschillende hefbomen – en toch één gemeenschappelijke grondhouding.
Bij tinnitus door lawaai is mijn hefboom de energie. Het oor is mechanisch beschadigd, de cel zit in het hamsterwiel – en zonder een overschot aan ATP komt de reparatie niet op gang. Mijn weg daar: geluidsdieet, slaap en een consequent protocol met voedingsstoffen dat de energiestofwisseling weer opschroeft.
Bij tinnitus door stress is mijn hefboom het vastgehouden conflict. Hier is niet het oor het probleem, maar het zenuwstelsel dat oude emotionele spanningen niet meer loslaat. Mijn weg daar: gericht conflictwerk volgens de methode die ik via Michael Prgomet heb leren kennen – die emotie bewust activeren en oplossen in plaats van haar verder te ontwijken.
Bij tinnitus door gif en medicijnen is mijn hefboom de bron. Zolang de schadelijke stof nog in je lichaam doorwerkt, loopt elke reparatie op niets uit. Mijn weg daar: eerst de uitlokker opsporen en met deskundige hulp verwijderen, en dan – als dat nodig is – met gerichte steun bij het herstel bijhelpen.
Hoe verschillend die drie wegen ook zijn, zo identiek is voor mij het principe erachter: je lichaam geven wat het nodig heeft, zodat het zichzelf weer in balans kan brengen. Niets opdringen, niet forceren, maar begrijpen wat de betreffende oorzaak werkelijk vraagt – en daar dan consequent naar handelen.
Dit proces heeft tijd en geduld nodig, welke tinnitus je ook begeleidt. Maar als ik kijk waar ik toen stond en waar ik vandaag ben, dan is elke afzonderlijke dag het waard geweest.